Acceptance and Commitment Therapy (ACT) is een evidence  based, transdiagnostische gedragstherapie die breed inzetbaar is, zowel binnen als buiten de GGZ (zie recent blog voor een actueel overzicht van de evidentie). En hoewel er geen directe contra-indicaties zijn voor ACT, gelden er wel een aantal toestandsbeelden/situaties waarbij een ACT-behandeling niet is geïndiceerd als primaire behandeling:
– Floride psychose
– Ernstige manie
– Acute suïcidaliteit
– Ernstige intoxicatie (alcohol of middelen)
– Instabiele thuissituatie (o.a. onveiligheid, geen vaste woon- of verblijfplaats).

Hoewel elementen van ACT dan alsnog bruikbaar kunnen zijn, zijn interventies gericht op veiligheid en stabiliteit hier meer geïndiceerd.

Tevens is een basaal introspectief vermogen nodig om te kunnen profiteren van een ACT-behandeling. Cliënten moeten hun eigen binnenwereld kunnen herkennen en benoemen (bijv. wat denk ik, wat voel ik). Dit kan zowel problematisch zijn bij cliënten met ernstige cognitieve beperkingen, alsook bij cliënten met zeer beperkte mentaliserende vermogens. Als dit te zeer beperkt is, zal het Acceptance-onderdeel van ACT waarschijnlijk niet goed aansluiten bij de cliënt. Het meer gedragsmatige Commitment-onderdeel van ACT kan echter nog steeds van meerwaarde zijn voor de cliënt.

Het gebruik van psychofarmaca kan ondersteunend zijn voor een ACT-behandeltraject. Het is echter wel van belang waakzaam te zijn op de functie van de medicatie (ondersteuning waardengericht gedrag vs controle/vermijding van binnenwereld), waarbij een hoge dosering van benzodiazepines vaak niet goed samengaat met een belangrijk werkzaam mechanisme van ACT: het doorbreken van de experiëntiële vermijding (zie voor meer het blog over ACT & Medicatie).

Tenslotte zijn er nog een drietal cliëntgroepen die vaak ten onrechte worden genoemd als contra-indicatie voor een ACT-behandeling: te weten autisme spectrum stoornis, persoonlijkheidsproblematiek en lage intelligentie. Uit onderzoek blijkt dat ACT wel degelijk kan worden toegepast bij cliënten die vallen binnen het autismespectrum (Pahnke et al., 2022). Daarbij is het belangrijk om rekening te houden met mogelijke uitdagingen in het letterlijk nemen (bijv. metaforen), alsook een rigiditeit in denken die inherent is aan de problematiek. En hoewel ACT geen eerste keuze interventie is voor cliënten met persoonlijkheidsproblematiek, kan ACT wel degelijk worden ingezet als waardevolle aanvullende interventie (zie o.a. Zorgstandaard Persoonlijkheidssstoornissen, 2025). Er is zelfs een combinatietherapie van ACT & SFT ontwikkeld: Contextuele Schematherapie (Roediger et al., 2018). Tenslotte kan ACT wel degelijk worden ingezet bij cliënten met een lage intelligentie en/of cognitieve beperkingen zoals blijkt uit verschillende publicaties over ACT bij LVB (o.a. Tomlinson et al., 2025) en ACT bij NAH (o.a. Faulkner et al., 2025). Voor deze laatste groep is het (extra) van belang de taal aan te passen en selectief te zijn in het aantal te gebruiken oefeningen en metaforen. Tevens zal de nadruk meer liggen op de concrete waardengerichte acties.

Bronnen:
Pahnke J, Jansson-Fröjmark M, Andersson G, Bjureberg J, Jokinen J, Bohman B, Lundgren T. Acceptance and commitment therapy for autistic adults: A randomized controlled pilot study in a psychiatric outpatient setting. Autism. 2023 Jul;27(5):1461-1476.
GGZ Standaarden (2025). Zorgstandaard Persoonlijkheidsstoornissen. https://www.ggzstandaarden.nl/zorgstandaarden/persoonlijkheidsstoornissen/

Roediger, E., Stevens, B. A., & Brockman, R. (2018). Contextual schema therapy: An integrative approach to personality disorders, emotional dysregulation, and interpersonal functioning. New Harbinger Publications.
Tomlinson, S., Williams, J., & Boulton, N. (2025). Using acceptance and commitment therapy with adults with intellectual disabilities. Jessica Kingsley Publishers.
Faulkner J, Prouty D, Devlin L, Appleton D, Roche M, Below K, Moffat J, Snell D, Williams MN, Barker-Collo S, Theadom A. Acceptance and commitment therapy for mild traumatic brain injury (ACTion-mTBI): a quasiexperimental feasibility study. BMJ Open. 2025 Feb 16;15(2):e089727.