Gastblog door: Dr. Jennifer Reijnders, vakgroep Levenslooppsychologie Open Universiteit

Tijdens de ACBS World Conference in Lyon hebben we de eerste resultaten gepresenteerd van onze studie naar deelname en uitval bij ImpACT: Online ACT Training in Higher Education (klik HIER voor de poster). Een studie die wordt uitgevoerd vanuit de Open Universiteit, vakgroep Levenslooppsychologie met collega’s Ineke Bodok, Nele Jacobs, Willemieke Kroeze en Tim Batink.

Met deze studie willen we beter begrijpen welke factoren een rol spelen in de betrokkenheid van studenten bij een eHealth ACT-interventie. Want hoewel eHealth interventies veel mogelijkheden bieden om ACT toegankelijk te maken voor grotere groepen, blijft één vraag steeds terugkomen: hoe zorgen we ervoor dat mensen daadwerkelijk beginnen én betrokken blijven?

Binnen het ImpACT-project onderzochten we daarom een eHealth ACT-training voor studenten in het hoger onderwijs. Van de 267 studenten die deelnamen aan het onderzoek startte 48% met de training; van deze groep rondde 20% de volledige training af. Een hoge drop-out dus die echter niet vreemd is bij onbegeleide eHealth.

Een belangrijke bevinding was dat studenten die uitvielen niet simpelweg “minder gemotiveerd” waren. Studenten die stopten, hadden bij de start van de interventie gemiddeld meer psychologische inflexibiliteit en meer mentale gezondheidsklachten dan studenten die niet begonnen of de training afmaakten. Dit roept een interessante vraag op: bereiken we met eHealth ACT-interventies juist de mensen die deze ondersteuning het hardst nodig hebben, maar voor wie volhouden ook het meest uitdagend kan zijn?

Uit de eerste interviews kwamen drie belangrijke factoren naar voren die samenhangen met het afronden van de training:

  • Persoonlijke factoren, zoals beschikbare tijd, motivatie, prioriteiten en persoonlijke eigenschappen (bijvoorbeeld uitstelgedrag).
  • Contextuele factoren, waaronder de aansluiting bij de behoeften van studenten, de timing van de training en de relevantie van de inhoud.
  • Factoren binnen de interventie, zoals het online format, reminders, een duidelijke structuur en de ervaren aansluiting van de oefeningen.

De belangrijkste conclusie tot nu toe is dat een one-size-fits-all-benadering niet opgaat. Betrokkenheid bij een eHealth ACT-interventie ontstaat uit een samenspel van persoonlijke kenmerken, context en de manier waarop de interventie is vormgegeven. Dat vraagt om meer maatwerk dan we vaak bieden. Daarnaast lijkt peer support een veelbelovende aanvulling om motivatie en betrokkenheid gedurende de training te vergroten. Verdere resultaten zullen verwerkt worden in een publicatie.